• Homepage
  • Community items
  • Ons experimentele gesprek heeft geen leiding, geen voorzitter, geen taboes en geen onderwerp.

Ons experimentele gesprek heeft geen leiding, geen voorzitter, geen taboes en geen onderwerp.

Samen denken – een experiment is een open gesprek zonder leiding, taboe of onderwerp, bedacht door de natuurkundige David Bohm (1917-1992). Bohm ontdekte dat er in de natuur, ook als er een complete chaos lijkt te heersen, een onzichtbare orde bestaat. Zo lijkt er ook een degelijk verband te bestaan tussen de geestelijke wereld en de materiële.

Hij hoopte onder andere dat de mensen uiteindelijk tot de erkenning zouden komen van de essentiële onderlinge verwantschap van alle dingen en zich zouden aaneensluiten om een meer holistische en harmonische wereld op te bouwen.

Experimenten met gesprekken zoals we nu gaan voeren, hebben aangetoond dat er buiten of dwars door de gesproken discussie, een zekere consensus ontstaat tussen de deelnemers. Dat in het ongeleide en zelfs chaotische gesprek toch, schijnbaar vanzelf, een structuur ontstaat. Ons experimentele gesprek, heeft geen leiding, geen voorzitter, geen taboes en geen onderwerp. Het is al even bezig als ik binnen kom. Iemand brengt een verhaal in over een schoolmeisje dat zich in het Louvre erover verwondert, dat er een heel dure veiligheidsinstallatie is gebouwd om het schilderij van de Mona Lisa te beschermen en dat er voor haarzelf zoiets niet bestaat. Het gebeurde kort na terroristische aanvallen in haar stad Parijs. De vraag rijst of het hierbij gaat om de waarde van een mensenleven of om een ding.
Een volgend vraagstuk is dat van een Amsterdamse vader die zijn kinderen elke dag naar school brengt over een smal voetpad, vlak langs een, even smal, druk fietspad. Op het fietspad ligt een verkeersdrempel waarvoor scooterberijders afremmen. Voor zijn kinderen remt er niemand af, en die kunnen zomaar ineens even, per ongeluk, het fietspad oplopen. Vader zweet peentjes.

Angst
Er volgen vele reacties, de een nog praktischer dan de ander. Er komen ook opmerkingen over de gevaren waar we in dit leven mee te maken hebben. Hoofdthema lijkt te worden: veiligheid. Overal om ons heen wil men beveiliging, wijzelf ook natuurlijk. Maar dat mag weer niet betekenen dat die ten koste gaat van de privacy. Wat we hebben moet beveiligd worden. Beschermd, tegen terrorisme, tegen diefstal, tegen scooters op het fietspad, kinderen op het trottoir. Er wordt opgemerkt dat we met teveel zijn. We hebben teveel gedachten tegelijk. We hebben het over een angstcultuur.

Of cultiveren we de angst. Sommige kranten en andere media, of politieke partijen leven ervan. Iemand merkt op dat het een kwestie van een ‘mindset’ is. Je kunt er aan meedoen, of denken dat je kunt vallen, maar vooral weer opstaan en doorgaan. Er wordt opgemerkt dat je een privéluik kunt gebruiken. Even alle stemmen, alle gedachten [van anderen?] uitsluiten, maar je wel verbonden voelen met de anderen. Er zijn enkele deelnemers die vinden dat praten een vlucht is voor intimiteit. Anderen denken het tegenovergestelde. “Samen denken is moeilijk”, zegt iemand, “want als ik even nadenk over iets dat gezegd werd, gaat het gesprek in de groep alweer over iets anders”. Er valt een lange stilte. Er waren er al een paar, maar deze neemt zijn tijd.

Dan zegt een deelnemer, dat praten over ‘Wij’ nogal aanmatigend is, want daarmee wordt “ik” inbegrepen, “en ik wil niet dat iemand anders voor mij spreekt”. Weer iemand anders voelt zich steeds kwetsbaarder in dit gesprek, de ander juist weerbaarder. Iemand mist een doel, of bedoeling. Er wordt gezocht. We denken niet allemaal voor of uit onszelf, denken is niet alleen een heel particuliere bezigheid, we denken vaak hetzelfde. De groep begint samen te denken denk ik dan.

De stiltes gaan langer duren. Gaan we ‘samen’ denken? Het is alsof we ons moeten inhouden, zo stil is en zit iedereen. Vliegen afvangen is er in ieder geval niet bij. Stil zijn blijkt spannend te zijn. De spanning wordt doorbroken doordat iedereen gaat bewegen. Staan, rekken, springen en sommigen rennen rond.

Er volgen nog wat overdenkingen. Over de vraag of het 12 jarige meisje ook over haar eigen waarde of over haar eigenwaarde dacht, [ach het zijn subtiele verschillen]. En zouden we er dan anders over praten. Als je met elkaar praat, kun je je spiegelen aan de ander. Spiegelen omdat je in de ander jezelf ziet, of omdat we niet veel van elkaar verschillen, of in bepaalde overeenkomende situaties eender denken, of samen denken? De wekker gaat en kondigt het einde van het gesprek aan. Het word niet meer stil….

Rijk van den Hoek over Samen denken – een experiment